Voetballand

Wij, Belgen, lijken nooit méér een land dan wanneer onze nationale voetbalploeg wint. We zijn klein en doorgaans niet zo patriotistisch. We leven in een ingewikkeld land. Zijn onderverdeeld in verschillende bestuurlijke niveau’s, naar gelang waar we wonen en welke taal we spreken. We hebben meer regeringen dan een mens lijkt bij te kunnen houden. Maar op papier zijn we één land. En toch voel ik mij nauwelijks “Belg”. Neen, dat is het niet. Ik voel me wél “Belg”, maar ik ben er nauwelijks trots op. We hebben partijen die ons land willen splitsen, omdat we elkaar niet altijd verstaan -taalbarrières, vermoedelijk (mocht die splitsing er ooit komen, trouwens, dan vraag ik in een ander Europees land asiel aan. Ik ben Belg en ik ben Europees, dus wanneer die realiteit ophoudt met te bestaan, moet ik uitwijken). Gelukkig lijkt het draagvlak voor een splitsing niet al te groot. De mens in de straat lijkt er niet wakker van te liggen. De mens in de straat heeft geen probleem met zijn/haar anderstalige landgenoten.

En toch kan je in praktijk een – al dan niet artificiële – kloof voelen. Dat bedroeft me. In werkelijkheid is dat een persoonlijk aanvoelen. Wat ik zeg berust niet op wetenschappelijke feiten, maar op een subjectief gevoel – soms is dat genoeg om de realiteit waar je dagelijks tegen aan kijkt, te kleuren (kan u me van het tegendeel overtuigen, dan hoor ik dat graag. Het zou naar mijn gevoel betekenen dat het beter gesteld is met de eenheid van mijn land dan ik vermoedde, en zoals u begrijpt, er is niet veel dat ik liever wil). Het hangt allemaal af van de taal waarin je zoekt. Luisteren we naar de radio, maakt die meestal enkel melding van de verkeersproblemen in één van de twee landsdelen. Zoeken we nieuws, dan spitst ook dat zich vooral toe op één van die twee landsdelen. In tv-programma’s gaan we op zoek naar talenten, maar ook daar vissen we vooral in slechts één deel van de poel (maar -wat Vlaanderen betreft- we kunnen wel samenwerken met Nederland). En dan heb ik het voor het gemak nog niet eens over Brussel of over de Duitstalige gemeenschap -want die lijken er op de één of andere manier altijd tussenuit te vallen, en als er toch al eens over gediscussieerd wordt, bekruipt me een gevoel van bevreemding.

Niet toevallig lijken al die ongeschreven regels doorbroken te worden als het over onze nationale voetbalploeg gaat. Eénheid troef. Spelers die onderling dikke vriendjes zijn, bijvoorbeeld. Een strenge, maar rechtvaardige coach, die -samen met zijn technische ploeg- als een herder over zijn schapen waakt, bijvoorbeeld. Een eigen docu, op Vlaamse én Waalse openbare omroep, bijvoorbeeld. Fans die – ongeacht hun afkomst – als één blok achter hun nationale ploeg staan. De twaalfde man, inderdaad. Het is niet altijd zo geweest. Ergens in de laatste vijf tot tien jaar is het weer omgeslaan. De Duiveluitdagingen hebben hun doel niet gemist. Grandioze zet. We staan met z’n allen weer achter “onze” mannen. Misschien is het niet zo proper om te zeggen, maar ik ben nooit trotser op mijn Belgische nationaliteit dan wanneer de Rode Duivels spelen. En ik heb het idee dat ik niet alleen ben. Wij Belgen zijn niet zo patriotistisch, maar wanneer onze nationale voetbalploeg speelt, lijkt ons land te worden ondergedompeld in een golf van eenheid en trots. En dat mag wel eens. Dus, als het over Duivels gaat, dan word ook ik enthousiast -voor de rest heb ik geen verstand van voetbal, maar dat geeft niet zo.

Stromae levert de hymne. Natuurlijk zijn er, zoals dat gaat in talige aangelegenheden in ons land, voor- en tegenstanders. Enkel Frans, morden die laatsten. Een storm – gelukkig slechts in een glas water –  werd ontketend. Ik vraag me af waar dat voor nodig is. Niet alle duivels zijn even tweetalig, maar daar hoor ik geen kat over (gelukkig maar). Stromae spreekt wereldwijd een breed publiek aan. Niemand die zich druk maakt om de taal waarin hij zingt. Waarom zouden wij -nota bene in ons eigen land, over een doodgewone landgenoot- dat dan wel moeten doen? De kracht van muziek ligt in het doorbreken van die grenzen. Stromae die succes heeft, dat is goed. Niet voor niets groeit mijn trots op mijn Belgische nationaliteit wanneer een andere Belg in het buitenland sucessen boekt. Stromae zingt gewoon. Toevallig in het Frans. Meer Belgisch kan het niet wezen.

We spreken hier meerdere talen. Dat zorgt al eens voor problemen. Maar eigenlijk is er niets leuker dan je dagelijks kunnen begeven op een meertalig speelterrein, ook al is dat niet altijd zo makkelijk. Vermoeiend, zelfs. We zijn een klein land. En toch zullen we vertegenwoordigd zijn op zo’n groot kampioenschap als het WK -groter dan dat komen ze niet. Dat is alleen maar schoon, toch? Dus kunnen we nu met z’n allen – media, politici, ik kijk naar jullie – een beetje minder focussen op al die aparte delen en een beetje meer op het geheel? Als het voor onze nationale voetbalploeg is, lukt het ons perfect. Laat ons het daarbuiten ook waarmaken. Een beetje meer patriotisme en eenheid zou ons niet mistaan.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s