Windows en auto’s, Pt. I, II & III

Ik heb weer problemen met mijn laptop, of beter gezegd: met het gedeelte waar Windows op draait (het ander gedeelte is opgeëist door Linux). Die frustraties kom ik om de zoveel tijd tegen, maar vandaag waren ze bijzonder hoog. Vandaar dat ik u deel 3 in de reeks “Windows en auto’s” kan presenteren. Spoiler: een auto met een Microsoft- besturingssysteem is NOOIT gerechtvaardigd (en daarmee zeg ik niet dat enig ander besturingssysteem à la Apple ofzo dat wel zou zijn, integendeel, ik ga ervan uit dat dat evenmin zo is). Ziehier:

Windows en auto’s, Pt. III

Naar analogie met Mijn papa, Windows en auto’s en Windows en auto’s, pt II: werken met MS Word.
In de categorie “herkenbare situaties met de/het [?] Microsnot Beast”. Subcategorie: “Ms Office, Word”.

Doet zich het volgende voor: Begrijpt Word langs geen kanten wat je bedoelt. In casu: Probeer je titels te structuren door het gebruik van headings en lijstjes. Houdt Word eraan om titels uit heading 2 op hetzelfde niveau in het lijstje te plaatsen als heading 1. Slaag je er toch in heading 2 op niveau 2 te krijgen en wil je de volgende titel (nog steeds heading 2) van niveau veranderen. Verandert de/het [?] Microsnot Beast de vorige heading 2s opnieuw naar een niveau hoger.

Zo ga je te werk: Schreeuw alle frustraties uit je lijf (want daar wordt je weer rustig van), sla desnoods op tafel (ontzie daarbij mensen/dieren/je laptop/toetsenbord/enig elektronisch apparaat/… de tafel is echt geschikter) en doe daarna gewoon weer verder. Plots begrijpt MS Word alles. Succes gegarandeerd. [Nevermind dat ik misschien plots een duidelijker commando gaf. Microsnot is ALTIJD in fout!]

Windows in de auto: Ben je aan het rijden en probeer je links af te slaan, want je mag niet rechtdoor. Zegt Windows: “Cannot turn left. Must continue straight on”. Slaag je er toch in af te slaan, herhaalt Windows opnieuw: “Cannot turn left” en draait ie je auto automatisch een kwartslag terug (en als je even pech hebt, parkeert ie je tegen een boom). Schreeuw je eens goed, en je auto rijdt plots weer schoon naar waar hij heen moet.

Conclusie (zou geen verrassing mogen zijn): Auto’s die draaien op een besturingssyteem van Microsoft, zijn ronduit gevaarlijk. BEWARE THE MICROSNOT BEAST!

Ik wil uiteraard niemand die andere grieven onthouden, maar zij komen uit de catacomben van mijn oude blog. U kon wat hoger al doorklikken, maar nu u hier toch bent: een kopie. Omdat recentere grieven meestal net dat beetje meer doorwegen, begin ik bij deel 2.

Windows en auto’s, Pt. II

In de categorie “BEWARE THE MICROSNOT BEAST”, werken met MS Office, Word om precies te zijn.
Naar analogie met Mijn papa, Windows en auto’s.

Wijst de spellingscontrole je op het volgende: “Formeel taalgebruik (geen suggesties)”. You must be kidding me. Ik gebruik MS Word toch alleen maar om mijn meest informele smsjes in op te stellen?
Windows in de auto: Hou je je aan het verkeersregelement. Zegt de veiligheidscontrole: “Cannot continue. You are driving pursuant to the law. (No suggestions)”.

Stel je de spelling in op Nederlands (België). Wijst de controle je op een foute zin: “Belgisch Nederlands (geen suggesties)”. No shit, Sherlock! Ik wilde Afrikaans leren en dus stelde ik de spelling in op het Nederlands van België.
Windows in de auto: Leer je rijden. Zegt de veiligheidscontrole: “Cannot continue. You are driving correctly. (No suggestions).”

Wijst diezelfde controle je op een fout woord: “Schrijftaal (geen suggesties)”. Je meent het. Ik gebruik mijn MS Word om tegen de mensheid te praten.
Windows in de auto (met automatische versnellingsbak): Schakel je de auto in D (Drive) en rij je de weg op. Zegt de veiligheidscontrole: “Cannot continue. Your car is driving. (No suggestions)”.

Conclusie: Auto’s & een Microsoft-besturingssysteem gaan niet goed samen. BEWARE THE MICROSNOT BEAST! It never gets old.

Er was dus ook nog een laatste (eerste) deel, nog steeds uit diezelfde catacomben.

Windows en auto’s, Pt I.

In de categorie “mijn papa, windows en auto’s”:

-Doet zich het volgende voor: Windows is aan het installeren, “An error occured. Restart your computer or send error report?” Dat laatste kan al helemaal niet, want gezien je aan het installeren bent kan je nog helemaal niks verzenden.
Mijn papa: “Je bent aan het rijden en parkeert je auto tegen een boom. “Cannot find your airbag. Do you want to continue?”

-Doet zich het volgende voor: In Word wil je een of andere setting deleten, windows geeft een warning message, “Are you sure you want to delete? This cannot be undone” Yes, I want to delete. Enter. Desbetreffend object verdwijnt en verschijnt vervolgens opnieuw op je scherm.
Mijn papa: “Je hebt je gordel om en wil je deur opendoen. “Click to release your seatbelt” Je klikt en “Cannot release seatbelt” Je deur gaat niet open, want: “Click to release your seatbelt”.

-Doet zich hetvolgende voor: “Mediamanager has encountered an unexpected error & needs to close” Opties: debug, send error report of don’t send.
Mijn papa: “You have a flat tire. Do you want to repair?”

Conclusie: Auto’s die draaien met een Microsoft-besturingssysteem, werken NIET.
BEWARE THE MICROSNOT BEAST!

Déclaration d’amour, pt. II of Music, Maestro! Pt. II

Ik hou van cd’s. Ik verzamel ze, een beetje zoals een hamster. Wie wat ouder is dan ik en mijn liefde voor muziek deelt, voelt misschien wel hetzelfde voor vinyl. Mogelijk zijn cd’s in sommige van hun ogen van mindere kwaliteit, of minder waard, of niet dezelfde ervaring, of wat dan ook. Ze zijn een product van mijn tijd, en ik hecht er tien keer zoveel waarde aan dan aan een mp3-tje dat op mijn computer staat en dat ik niet kan aanraken. Het spijt me te zien dat mijn favoriete platenboeren van vroeger bijna allemaal hun deuren hebben moeten sluiten. Het spijt me dat (tenzij ik naar Mediamarkt -lage prijzen lonken al wel eens- of Fnac -bij gebrek aan beter- uitwijk, als zij al hebben waar ik naar op zoek ben) ik haast niet meer heerlijk door de cd-rekken kan bladeren, op ontdekkingstocht naar nieuwe schatten. Ook ik moet uitwijken naar het internet. Dat biedt het voordeel dat ik gericht op zoek ga en dus niet zomaar mijn geld uitgeef, maar het is niet hetzelfde gevoel als een cd-winkel binnenstappen en tussen de rekken vinden wat je zoekt en en passant nog iets extra oppikken. Maar soit.

Ik hou van cd’s. Ik verzamel ze, een beetje zoals een hamster. Ik heb er twee rekjes voor die van bij Ikea komen. Benno, geloof ik, in een uitvoering die ze nu niet meer verkopen. Dat is een heel klein beetje een ramp, want nog twee schapjes en dan zijn mijn rekjes vol. Ik zei het al, ik ga tegenwoordig noodgedwongen gerichter op zoek, dus de rekjes vullen zichzelf niet meer zo snel als vroeger. Tenzij al mijn favoriete artiesten samenspannen en min of meer gelijktijdig een nieuw album uitbrengen, koop ik geen 5 cd’s meer op minder dan twee maand tijd. Maar toch zullen ze ooit -binnen afzienbare tijd- vol zijn, en dan ben ik gedoemd tot het kopen van een cd-kast die er niet bij past of het aanschaffen van een geheel nieuwe hamsterplaats. First world problems.

Ik hou van cd’s. Ik verzamel ze, een beetje zoals een hamster. Ze zijn misschien wel mijn dierbaarste bezit. Tot voor kort dacht ik altijd dat ik ze uit een mogelijke ramp thuis zou redden (denk: vuur, of zo). Ik zou ze allemaal in een doos of valies steken en ermee het huis uit rennen. Maar onlangs verhuisden we. Ik stak al mijn cd’s in een grote doos (ook uit Ikea). Ze pasten erin! Ik kon ze redden! Maar nee. Ik kon ze niet dragen.

Déclaration d’amour, pt. I: le monde appartient aux langues

Ik weet niet goed hoe het komt, maar ik hou van talen. Veel. Zo veel, dat ik me geen leven meer kan voorstellen waarin ik niet op de een of andere manier een taalbad kan nemen. Op het eerste zicht zou ik kunnen zeggen dat het ooit anders is geweest. Ik had een absolute bloedhekel aan het vak Frans op de middelbare school. Nederlands was al niet veel beter. Aan Duits ontsnapte ik, en dat was -toen- tot mijn grote vreugde. Alleen Engels kon ermee door. Maar schijn bedriegt.

Ik moet het toegeven: ik ging niet zo graag naar school. De inhoud van de lessen kon mij doorgaans gestolen worden. Slechts een handvol leraren is door die muur geraasd, maar dat lag -bij nader inzien-  meer aan mij dan aan hen. Mea culpa, mea culpa, mea maxima culpa. Niets kon me boeien en de enkele leraar die me ooit “apatisch” noemde, zat er op dat moment waarschijnlijk niet zo heel ver af. Ik ging naar school omdat ik moest, maar bracht mijn tijd liever al dromend of al cd-boekjes lezend door. Dat ging redelijk vlot, omdat de meeste leraren ons plaatsen in alfabetische volgorde en ik meestal vanachter in de klas eindigde -geen plaats beter om aan de prangende blik der leerkracht te ontsnappen.
Hoewel ik altijd Latijn gevolgd heb, deed ik ook wiskunde. Als ik helemaal zelf had mogen kiezen, dan had ik na het vierde middelbaar wiskunde laten vallen en was ik in Latijn-Moderne talen terecht gekomen. Dat zou meer uit afkeer van wiskunde geweest zijn dan uit liefde voor die talen. Maar mijn ouders chanteerden me onverbiddelijk. Mama besloot resoluut dat ik de Franstalige scouts -waarmee ik net dat jaar zou stoppen- niet mocht laten vallen als ik voor moderne talen koos, het zou immers een goede oefening zijn. Ook papa wist een gevoelige snaar te raken: koos ik toch voor Latijn-Wiskunde, dan zou hij me een concertje betalen (hallo? Music was my first love!). Dat klinkt allemaal tamelijk meedogenloos, maar ook hier: schijn bedriegt. Eigenlijk ben ik ze erg dankbaar voor hun kordate optreden. Ik had immers niet het flauwste benul van wat ik later zou gaan studeren, en Latijn-Wiskunde bood nu eenmaal de meest uitgebalanceerde basis. Mijn ouders waren van mening dat -met het zicht op mogelijk statistische vakken in het hogere onderwijs- ik beter voorbereid zou zijn met het wekelijkse programma van zes uur wiskunde (tegenover slechts drie uur in moderne talen). Ze hadden gelijk. Statistiek en economie werden in mijn voortgezette studiecarrière geen hoogvliegers, maar ik ben ervan overtuigd dat het zonder die zes uur wiskunde nog veel erger had geweest. Bovendien was Latijn stiekem mijn lievelingsvak. Geen haar op mijn hoofd dat er aan dacht om, na vier jaar zwoegen op grammatica en woordenschat, dat vak op te geven. En al het leuke mislopen, zeker? Ik dacht het niet. Eindelijk zouden we de volgende twee jaar gewoon teksten gaan vertalen! Hoezee! Toevallig bood Latijn-Wiskunde ook zes uur Latijn, terwijl dat in Latijn-Moderne talen maar 4 uur was (ten voordele van 2 uur Duits). Ik moet toegeven dat ik het ergens wel schandalig vind dat we Duits zo konden omzeilen op school -als derde officiële landstaal zou het toch verplicht leervoer moeten zijn? Ik weet niet of Latijn-Wiskunde ook volgens die redenering de beste oplossing was, maar op dat precieze moment in mijn leven geloof ik van wel. Duits kon me toen gestolen worden (nu schaam ik me er wel een beetje voor dat ik niet eens onze drie landstalen spreek), en ik kon wel een compensatie gebruiken voor al die wiskunde . Ik zei het al: ik ging niet zo graag naar school, maar stiekem was Latijn mijn lievelingsvak. Ik zag het zo: zes uur wiskunde, dat was zes uur een absolute hel. Maar er stond iets tegenover: zes uur Latijn, absolute hemel van mijn schoolbestaan.

Samenvattend (want anders blijf ik afwijken): het aantal uren wiskunde/wetenschappen, talen en algemene vakken, was in de richting die ik volgde redelijk evenwichtig verdeeld. Ik ging niet graag naar school en geen enkel vak kon mij absoluut begeesteren, al zeker niet de talen (Latijn was de uitzondering die de regel bevestigt). Maar schijn bedriegt, zei ik toch?  Latijnse teksten vertalen waren het absolute hoogtepunt van mijn schoolweek (al maakte ik veel fouten en had ik er een hekel aan om uit te vissen welke woorden nominatief, accusatief, genitief, datief en/of ablatief waren en waarom ze dat waren). Engels leerde ik gemakkelijk en graag (vooral zelf -door naar muziek te luisteren). Al hield ik niet zo van Frans (veel had te maken met een paar rotte appels die ik ben tegengekomen -en dat zijn niet de leraren, zoals ik al zei, dat ze mij hun liefde voor de taal niet konden overbrengen, lag aan mij), toen ik de middelbare school officieel achter me liet, overviel mij tegen alle verwachtingen in een heuse golf van liefde voor de Franse taal -of voor een paar Franse groepen, in ieder geval: Frans leek ineens zo erg niet meer. Hoewel het nu anders aanvoelt, moet ik toen echt al van talen gehouden hebben: ik moest kiezen wat ik zou studeren en twijfelde tussen Communicatiewetenschappen en Vertaler/Tolk. Ik koos toch maar voor het eerste (dat was een breder studiegebied), maar vulde mijn keuzevakken meteen op met Engels. Toen ik drie jaar later moest zitten blijven en extra tijd had op te vullen, koos ik resoluut voor Spaans. Er bestond al snel geen twijfel meer over: ik moest en ik zou mijn communicatiewetenschappen toch maar aan vullen met een Master Vertalen, en wel direct. De twee richtingen gelijktijdig combineren was geen al te beste beslissing, maar ik ben koppig. Ik mocht (moest) twee talen kiezen. Engels sprak ik al en Duits schuwde ik nog steeds, dus ondanks mijn haat-liefde verhouding met het Frans, zou dat mijn eerste taal worden. Professioneel nooit een slechte keuze: een goede kennis van de tweede landstaal is altijd mooi meegenomen. En natuurlijk: Spaans, de taal waar ik misschien wel het meeste van hou.  Een keuzevak bombardeerde Portugees tot derde taal. Ondertussen zijn talen een volwaardig deel van mezelf geworden (en van mijn computer -zo getuigen alle digitale woordenboeken daar aanwezig). Ik maak fouten, maar ik spreek Nederlands, Frans (al blijf ik er eeuwig mee worstelen), Engels, Spaans en een mondjevol Portugees. Ik ben mijn talen niet trouw: ik hou van elk van hen, maar het liefst van allemaal voeg ik aan dat lijstje zo nog tien talen toe. Duits, Italiaans en Noors om te beginnen. Ja, ik “veroordeel” mezelf om tot aan het einde der tijden talen te leren. Want zonder kan ik me geen leven inbeelden. Ze geven me elk een andere kijk op de realiteit. En zonder al die vensters op de wereld leef ik maar half.