Mijn familie

Ergens tussen de Walen, Brussel en Antwerpen*, 30 december 2012

*(volgens die laatsten ergens op de parking dus)

Ergens in de Vlaanders, 1 januari 2013

WAARSCHUWING

De spreekwoordelijke dichterlijke vrijheid is mij niet altijd even vreemd. Vergeet de korrel zout dus niet.

Ik heb een grote familie. Heel erg fijn. Ik heb een opa en een oma, die als pater en mater familias over mijn familie regeren. Natuurlijk ook een mama en een papa. Daarnaast heb ik ook nog een heleboel tantes en nonkels. En nog meer hopen neven en nichten en zelfs een zus en een sympathieke schoonbroer die samen ook nog eens voor een nichtje zorgden (lees: mijn metekind aka latest star of the family). Je ziet: een hoop om over te schrijven. Maar ook nogal verwarrend. Laat ik vandaag een poging willen ondernemen om wat klaarheid in dat nest van mij te scheppen.

Om te beginnen zijn er mijn oma en opa. Beginnen -relatief gezien welteverstaan, mijn oma en opa zijn natuurlijk geen Adam en Eva die de wereld moeten bevolken. Maar goed, een mens moet ergens beginnen en we zijn al met zoveel. Trouwens, wie een heuse stamboom van de familie Vermeire wil, kan bij opa R. vast en zeker De Familie -het boek raadplegen. Maar goed, voor we teveel afwijken van de orde van de dag: terug naar onze tak van de boom dus. Opa R. en oma P. werden beiden geboren in de twintiger jaren en staan volgens de wetten der “wijsheid komt met de jaren” aan het hoofd van mijn familie. Het duurde natuurlijk enkele decennia voor hun paden kruisten, maar dat is een ander verhaal. Enfin, aan het hoofd dus. Vroeger was dat nogal letterlijk te nemen: aan het hoofd van de tafel nam mijn opa als een echte godfather plaats. In hun nieuwe  appartement (ook nogal relatief -ze wonen er ondertussen een tiental jaar) nemen mijn oma en opa altijd naast elkaar plaats. Mijn oma is namelijk niet zomaar de vrouw van de godfather, nee, ze staat met ijzeren hand naast mijn opa. Wie weet is zij eigenlijk wel de baas als het erop aankomt? Soit, ze is dus zeker evenwaardig aan onze godfather. Met nieuwjaar wordt dat allemaal heel duidelijk: mater en pater familias staan als hoofd van de familie in het middelpunt van de aandacht. Ik hoef het beeld zelfs niet te schetsen: oma en opa naast elkaar in een stoel, de kleinkinderen lezen om beurt hun briefje voor. En dat al zolang jullie je kunnen herinneren (ja, ik ook).

Maar voor ik te ver uitwijk over mijn oma en opa: ik heb ook nogal wat tantes en nonkels (en een mama en papa natuurlijk). Ik kan jullie wel even dit meegeven: sinds de vijftiger jaren heeft het nageslacht van mijn oma en opa nog maar één decennium overgeslagen. Wel ja, laat ik het voor het gemak uitdrukken in decennia. Mijn mama, haar twee (oudere) zussen en twee (jongere) broers (een goed deel van mijn tantes en nonkels dus, voor de goede verstaander) werden geboren in de loop van de vijftiger en zestiger jaren. In principe is het aantal ouders en tantes en nonkels dat ik heb verdubbelbaar: ja, ze zijn allemaal van ’t straat geraakt. En samen hebben ze mij een hele boel neefjes en nichtjes bezorgd. Dat mag u letterlijk nemen, want nadat mijn mama en papa voor mijn zus zorgden, moesten ze maar één enkel neefje laten voorgaan voor ik er kwam. En zelfs dat was een close call, want uiteindelijk verschilden J. en ik maar vier dagen. Met een beetje geluk had ik de wedstrijd gewonnen, maar het heeft niet mogen zijn. Dat doet er ook niet toe. Ik had het over mijn aantal ouders (twee dus) en nonkels en tantes (acht in het totaal en vier van elk). Éen van hen heeft zelfs een dubbele functie (voor mij dan toch): Peter P. U raadt het al, mijn peter. Het peter- en meterschap van mijn zus en de rest van mijn neefjes en nichtjes is netjes verdeeld over mijn oma en opa, mijn mama en haar zussen en broers.

Na al die dubbele tantes, nonkels en ouders komen dan natuurlijk de kleinkinderen -verspreid over 3 decennia. Het nageslacht sloeg de jaren ’70 over, maar sinds de jaren ’80 zijn we niet meer te stoppen. De eighties… Tijd van epauletten en gekke beenverwarmers, Madonna, de opkomst van pc’s met enorme monitoren en nog grotere computerdozen en daar vergeet ik nog de door mij zo geliefde Walkman van Sony (ver na de jaren tachtig door ondergetekende ontdekt als favoriete music-on-the-go-tool. Vervolgens sloeg ik de Discman en Minidisk over, om maar meteen over te schakelen op een nieuw soort Walkman: de mp3-speler -en op termijn op een heuse van Sony, welteverstaan, van enig merkensnobisme val ik wel te beschuldigen). Kwamen we uit de tachtiger jaren nog met vier (mijn zus, J., ik en P.1), dan waren de nineties zeker dubbel zo vruchtbaar. Opeenvolgend verschenen daar tussen de bouwvakkershemden, de dotcombel, Toy Story en de Spice Girls: M.1, P.2, S., K., M.2, A.1, T. en ten slotte A.2, N. en M.3. Zelfs de noughties gingen niet kinderloos voorbij. De wereld overleefde schijnbaar probleemloos het Y2K en wat later kwam L.1 de talrijke reeks kleinkinderen (wel vijftien!) afsluiten. De wereld maakte in dit decennium pas echt kennis met de eerder vernoemde mp3-spelers, reality tv als Big Brother en nog zoveel meer, maar dat maakt hier eigenlijk niet zo gek veel uit. Kan ook nog opgemerkt worden: eigenlijk zijn mijn zus, P.1 en L.1 een beetje uitzonderingen. Want de rest van ons komt zowat in paren. J. en ik volgden het dichtst op elkaar, vier dagen. M.1 en P.2 verschillen technisch wel een jaar, maar werden toch nog geboren in het zelfde kalenderjaar. S. en K. zagen het levenslicht in dezelfde tweede helft van een jaar en voor het gemak zal ik daar M.2, juli van het daaropvolgende jaar, nog maar bijrekenen. Twee handen op één buik ook, K. en M.2. A.1 en T. verschillen een maand en A.2, N. en M.3 sloten met hun drietjes de nineties kids af.

En toen was het de beurt aan de achterkleinkinderen. Voorlopig zorgden alleen mijn zus en sympathieke schoonbroer voor een nakomeling, maar onze L.2 is toch dé ster van het afgelopen jaar. Een waarheid als een koe, een stelling die waar is tot het tegendeel bewezen is, lees: tot het volgende achterkleinkind er komt. En dan nog: als supertrotse meter kan ik u bevestigen dat ons voorlopige kakkenestje altijd een sterretje zal blijven, al was het maar in mijn hart.

Soit, dat alles om u een gelukkig nieuwjaar te wensen. En een goede gezondheid en voorspoed en al die shizzle die mensen elkaar traditioneel toewensen bij de start van het nieuwe jaar. En van traditie gesproken, bij deze vervul ik mijn jaarlijkse plicht tot het voordragen van een nieuwjaarsbrief aan die grote familie van mij, in het bijzonder aan mijn oma en opa, mijn mama en papa, mijn peter en vanaf nu ook mijn metekind. Maar eigenlijk ook aan al de rest: ik zie jullie graag, allemaal. 🙂

tot volgend jaar!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s